- Nieuws
-
Uitgelicht
-
Uitgelicht
- Recent
-
- Kiosk
- Adverteren
- Columns
Selecteer Pagina
Foto: Circtec
Wie Bilfinger zegt, denkt al snel aan een grote internationale industriële dienstverlener. Onderdeel van de organisatie is een consultancy- en engineeringteam dat sterk is in de combinatie van lokale aanwezigheid, brede vakkennis en een integrale aanpak. Vanuit kantoren in onder meer Groningen en Hengelo werkt Bilfinger aan uiteenlopende industriële projecten, van chemie en voedingsmiddelen tot energie, water en circulariteit.
Tekst: Jeanette van Swaal
Die breedte is volgens Wouter van den Ham, director engineering, meteen ook een van de grote krachten van de organisatie. Consultancy en engineering binnen Bilfinger bestaat wereldwijd uit een multidisciplinair team van ongeveer 4.000 collega’s in 26 landen.
“Onze kracht ligt erin dat we eigenlijk alles in huis hebben”, vertelt Van den Ham. “Van consultants die veiligheidsstudies doen en vergunningstrajecten begeleiden tot engineers, projectmanagers, inkoopspecialisten en constructiemanagement. Alles wat een project nodig heeft, kunnen we leveren.”
Die integrale aanpak sluit aan op een duidelijke beweging in de markt. “We zien steeds vaker dat klanten behoefte hebben aan één partij die veel kan overnemen,” zegt Van den Ham. “Als Bilfinger kunnen we echt als one-stop-shop opereren.”
Volgens Erik Eppinga, senior projectmanager in Groningen, ligt de kracht ook in de brede inzetbaarheid. “We werken voor vrijwel alle industriële sectoren. Een klant heeft een idee of proces, en wij vertalen dat naar een installatie die echt gebouwd en gebruikt kan worden.”
Duurzaamheid, circulariteit en nieuwe energiestromen spelen daarbij een steeds grotere rol. “Ik denk dat inmiddels zo’n tachtig procent van onze projecten op de een of andere manier gerelateerd zijn aan duurzaamheid”, zegt Van den Ham. “Dan heb je het over pyrolyseprojecten, biogas, waterstof, plastics-recyling, sustainable aviation fuels en waterprojecten.” Volgens Bilfinger past dat goed bij de richting waarin de industrie zich ontwikkelt én bij de eigen expertise in complexe installaties.
Een aansprekend voorbeeld daarvan is het project voor Circtec in Delfzijl. Daar leverde Bilfinger engineering, inkoop en constructie support voor een grootschalige bandenrecyclingfabriek. De fabriek werd officieel geopend op 27 januari 2026 en is tot nu toe de grootste pyrolysefaciliteit voor end-of-life banden in Europa. Bilfinger startte in mei 2024 met het project.
In de fabriek worden versnipperde autobanden via pyrolyse teruggebracht naar waardevolle grondstoffen. “Wat daar zo mooi aan is”, zegt Eppinga, “is dat je materialen terugwint waarvan de band oorspronkelijk gemaakt is. Dan heb je het over oliefracties en carbon black, een zwart poeder dat bijvoorbeeld weer wordt gebruikt in nieuwe banden. Dat circulaire aspect maakt dit project natuurlijk heel bijzonder.”
Circtec had al een kleinere fabriek in Polen, maar de vestiging in Delfzijl betekent opschaling naar industrieel niveau. “In deze omvang is dit echt uniek”, aldus Eppinga. “En het mooie is: de fabriek is ontworpen voor verdere uitbreiding.” Bilfinger maakte het ontwerp geschikt voor de lokale situatie in Delfzijl, ondersteunde bij de inkoop van equipment en zorgde ervoor dat alle onderdelen samenkwamen in één werkend geheel.
Wat het project extra bijzonder maakte, was de snelheid. “We hebben dit project in ongeveer achttien maanden gerealiseerd, van de start van onze engineeringwerkzaamheden tot het moment waarop de klant kon opstarten”, vertelt Eppinga. “Dat is extreem kort voor dit soort projecten.” Daardoor liepen engineering en bouw deels parallel. “De aannemer was al aan het heien, terwijl wij nog volop met het ontwerp bezig waren. Dat vraagt veel afstemming en flexibiliteit.”
Ook technisch kende het project de nodige uitdagingen. Een van de opvallendste was het ontwerp van een leidingsysteem voor een afgasstroom van maar liefst 800 graden Celsius. “Zo’n leiding zet enorm uit door de hitte”, legt Eppinga uit. “Maar je hebt wel te maken met vaste punten in je installatie. Dan moet je dus heel zorgvuldig ontwerpen hoe je die uitzetting opvangt, met de juiste materialen, ondersteuning en flexibele tussenstukken. Dat was echt een mooi stukje engineering.”
Veiligheid, betrouwbaarheid en onderhoudbaarheid worden daarbij vanaf het begin meegenomen. Van den Ham: “We ontwerpen altijd volgens geldende standaarden en codes. Daarnaast voeren we studies uit, zoals veiligheidsstudies, om te kijken wat er gebeurt als processen afwijken. Ook onderhoud nemen we al vroeg mee: kun je straks overal goed bij, is er voldoende ruimte om onderdelen te vervangen? Dankzij 3D-modellen kunnen we dat al in de ontwerpfase met elkaar beoordelen.”
Juist dat samenspel van techniek, samenwerking en zichtbare impact maakt het werk volgens beide mannen zo mooi. “Iedereen is hier gek op zijn vak”, zegt Van den Ham lachend. Eppinga knikt: “Je werkt met vakspecialisten die allemaal hun eigen bijdrage leveren. En als je dan uiteindelijk ziet dat zo’n installatie echt draait zoals bedacht, dan is dat iets om trots op te zijn.”
Met projecten als Circtec laat Bilfinger zien dat de energietransitie en circulaire industrie niet alleen draaien om grote ambities, maar vooral ook om slimme, maakbare en veilige oplossingen. Precies daar wil het bedrijf de komende jaren verder op bouwen.